Vervolg na pilot onkruidbestrijding


10-02-2017 JOURE – Afgelopen jaar is er in De Fryske Marren proefgedraaid met verschillende, duurzame  onkruidbestrijdingsmethodes. Omdat onkruid bestrijden met chemische middelen op verhardingen sinds 31 maart 2016 niet meer mag, heeft de gemeente een jaar lang twee andere, duurzame methodes uitgeprobeerd: hete lucht en heet water.

Conclusie is dat beide methoden, bij de juiste frequentie, geschikt zijn maar dat de kracht vooral zit in de combinatie van meerdere methoden. “Kwaliteit bliuwt foarop stean, dêr sille wy op stjoere rjochting oannimmers”, zegt wethouder Johannes van der Pal. “De iepenbiere romte moat der goed fersoarge útsjen, al heart in wat griener bield ek wol by dizze tiid fan duorsumens”.

Pilot
Hete lucht en heet water zijn de twee meest gebruikte methoden voor duurzame onkruidbestrijding. Twee verschillende aannemers hebben een jaar lang – in een ander gebied – een methode uitgevoerd. Zo kon het effect in de verschillende jaargetijden goed worden onderzocht. Doel van de pilot was om te bekijken welke methode van onkruidbestrijding in De Fryske Marren het meest effectief is en in de toekomst mogelijk ingezet gaat worden. Andere mogelijke methodes zijn bijvoorbeeld branden of borstelen. Het borstelen is afgelopen jaar aanvullend ook al ingezet.

Duurzaamheid en kwaliteit
De resultaten van beide methodes (hete lucht en heet water) zijn vergelijkbaar, maar halen niet het kwaliteitsniveau dat voorheen met de chemische middelen werd behaald. Om hetzelfde resultaat te behalen moet de frequentie van bestrijden omhoog. De kosten worden daarmee hoger. Daarnaast is preventief bestrijden met de duurzame methodes niet mogelijk: duurzaam bestrijden kan pas achteraf, als het onkruid al zichtbaar is. Tot slot blijkt dat de beide alternatieve methodes niet zo duurzaam zijn dan gedacht: de methodes hebben weer neven-effecten zoals fijnstofvorming en klimaatverandering. Echter voor de kwaliteitsbehoud van het grondwater zijn beide methodes wel  geschikt (duurzaam).

Conclusie pilot
Bij de juiste frequentie bieden de beide methodes gezamenlijk het gewenste kwaliteitsniveau van onkruidbestrijding op verhardingen. Conclusie is dat er geen voorkeur is voor één van beide methoden, maar dat de kracht zit in de combinatie van methoden. De markt speelt hier voldoende op in en pakt nieuwe ontwikkelingen op dit terrein op. Het college wil dan ook meer sturen op kwaliteit en de keuze van de methoden aan de aannemer overlaten. Daarnaast wil het college meer afstemming met de aannemer over de planning van de werkzaamheden, zodat de gemeente daar ook met het vegen en borstelen op in kan spelen. Op de begraafplaatsen speelt de beheerder hierbij een grote rol.

Begraafplaatsen
Voor een deel is het ‘groenere beeld’ in de gemeente een kwestie van gewenning omdat een duurzaam milieu en onze gezondheid steeds belangrijker zijn geworden. Ook inwoners vinden dit steeds meer van belang, denk aan het effect van bestrijdingsmiddelen op grondwater. Anderzijds stelt het college dat beeldkwaliteit van de omgeving voorop blijft staan, vooral op plekken zoals de begraafplaatsen. Hiermee luistert het college naar de vele reacties van inwoners over het onderhoud van groen en onkruid op de begraafplaatsen.

Rekening houden met gevoel
Het college stelt daarom voor om op de begraafplaatsen in de gemeente in ieder geval een A-kwaliteit van onderhoud te behouden. “Om’t wy de gefoelens kinne fan minsken dy’t geregeld op it hôf komme en dêr rekkening mei hâlde wolle”, zegt Johannes van der Pal. Het gewenste kwaliteitsniveau op de begraafplaatsen is tijdens de pilot dan ook bijgesteld. Op de overige verharde terreinen in de openbare ruimte is het voorstel van het college om een B-kwaliteit aan te houden.

Gewenste kwaliteitsniveau vaststellen
De komende tijd is het van belang om het gewenste kwaliteitsniveau van onkruidbestrijding op verhardingen vast te stellen: wat is wenselijk voor welk type terrein? Op basis daarvan kan de gemeente vervolgens opdracht geven aan een ondernemer om de onkruidbestrijding uit te voeren. De kaders moeten eerst helder zijn, daarna kan het college opdracht geven/uitbesteden. De commissie ruimte vergadert op 15 februari over dit onderwerp, op 1 maart staat de pilot onkruidbestrijding op de raadsagenda.

A- of B-kwaliteit
Het voorstel van het college aan de raad is om te kiezen voor een B-kwaliteit op de verharde paden en wegen in de openbare ruimte (hierbij accepteren we een ‘beperkte hoeveelheid onkruid’) maar om op de begraafplaatsen voor een A-kwaliteit te blijven gaan (‘er is geen of weinig onkruid’). Dit kan binnen het huidige budget. Daarbij geeft het college de voorkeur aan een combinatie van meerdere methodes door elkaar, voor de bestrijding van onkruid. Aannemers kunnen dit op maat invullen. Tot slot, voor de bestrijding van onkruid op half-verhardingen, blijken de beide methodes minder geschikt/afdoende te zijn. Half-verhardingen slibben nu namelijk sneller dicht dan voorheen. Om ook de kwaliteit van deze paden in de toekomst te waarborgen, komt er een nader voorstel.

Borstelen en vegen
De gemeente veegt en borstelt zelf de goten nu acht keer per jaar. Omdat de duurzame methode een minder preventieve werking heeft dan de chemische methode, stelt het college nu voor aan de raad om de frequentie van het vegen en borstelen te verhogen naar twaalf keer per jaar, met als doel het behouden van schone goten en dus kwaliteit. Schone goten vertraagt het voorkomt onkruidvorming.

Werkwijze niet nieuw
Onkruidbestrijding zonder chemische middelen is niet nieuw, maar door de landelijke wetgeving op gebruik van chemische middelen en door de ontwikkeling van andere methoden, wel in een stroomversnelling geraakt. De werkwijze van onkruidbestrijding met hete lucht en heet water is anders dan met chemische middelen. Chemische bestrijding heeft naast een directe werking ook een preventieve werking, doordat de werkzame stof lang tussen de voegen van de tegels blijft. Bestrijding met hete lucht en heet water heeft alleen effect op onkruid dat er op dat moment is.  Onkruidzaad dat nog in de voegen zit, kan vrijwel meteen na de bestrijding alweer ontkiemen. Daardoor is een hogere frequentie nodig om hetzelfde resultaat te behalen. In combinatie met borstelen en vegen kan een goed resultaat worden behaald.