Tweede Kamer stemt in met Spoedwet aanpak stikstof

08-12-2019 JOURE – Een meerderheid in de Tweede Kamer heeft afgelopen week ingestemd met de Spoedwet aanpak stikstof. Het voorstel bevat instrumenten om op korte termijn de aanpak van stikstof mogelijk te maken. Het doel is daarmee de stikstofbelasting op Natura 2000-gebieden te verminderen, natuur te herstellen, en de toestemmingsverlening voor activiteiten, zoals woningbouw, weer vlot te trekken. De oppositiepartijen GroenLinks en de PvdA, die de coalitie in de Eerste Kamer aan een meerderheid kunnen helpen, stemden allebei tegen de spoedwet. Volgende week is de behandeling in de senaat, die er naar verwachting de week daarna over stemt. Het is nog onzeker of de spoedwet ook daar zal worden aangenomen.

Met de Spoedwet wordt geregeld dat in de Wet Natuurbescherming de mogelijkheid kan worden opgenomen om een drempelwaarde in te stellen of een stikstofregistratiesysteem. In de Wet Dieren komt een grondslag voor regels om de stikstofuitstoot door de veehouderij via het veevoerspoor terug te dringen. Verder voorziet de spoedwet in versnelde procedures op grond van de Crisis- en herstelwet voor besluiten die noodzakelijk zijn voor bescherming, verbetering en herstel van de natuur in Natura 2000-gebieden.

Bij de behandeling nam de Tweede Kamer een amendement ingediend door D66 dat regelt dat de Eerste en Tweede Kamer grip houden op de nadere regels die via ministeriële regeling worden gesteld door middel van een voorhangprocedure. Een dergelijk procedure geeft de Kamer meer gelegenheid om met de minister van gedachten te wisselen over de inhoud en eventuele aanpassingen voor te stellen van het ontwerp van de regeling.

Via een amendement van VVD en CDA dwong de Tweede Kamer ook of dat het parlement grip houdt op de nadere regels over diervoeders en milieu. De Eerste en Tweede Kamer krijgen het ontwerp van de ministeriële regeling voor de inwerkingtreding 4 weken voor de voordracht ervan te zien en kunnen dan bij meerderheid of met 15 leden respectievelijk 30 leden de wens te kennen geven dat nadere inlichtingen wenselijk zijn. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer het parlement of een deel daarvan aangeeft dat een bepaald onderdeel aanpassing of een nadere toelichting vraagt.