Hittegolf zorgt voor toename watervraag en daling grondwaterstand

11-08-2020 JOURE – Door de hoge temperaturen neemt de vraag naar water in Fryslân en een deel van het Groninger Westerkwartier toe en dalen de grondwaterstanden. Er is meer water nodig voor beregening van gewassen en voor het op peil houden van de waterstanden in meren, vaarten en kanalen. Het neerslagtekort is gestegen van 180 naar 225 millimeter. Om lokaal watertekort te voorkomen roepen we iedereen op om alleen te beregenen in de ochtend- en avonduren.

In de maand juli is er circa 100 millimeter neerslag gevallen (station Leeuwarden). Hierdoor is de grondwaterstand op de meeste locaties hoger dan vorig jaar rond deze tijd. Door de hittegolf (veel verdamping en geen regen) neemt het neerslagtekort weer toe. In de westelijke helft van ons werkgebied is het neerslagtekort het grootst, waardoor de grondwaterstand hier nog steeds erg laag is.  Het neerslagtekort in dit gebied is zo’n 50 millimeter hoger en zit daarmee op het niveau van 2018 en 1976.

Hogere waterstanden
Het Wetterskip houdt nog steeds hogere waterstanden aan in de Friese meren en kanalen en waar mogelijk in de poldersloten en  -vaarten. Met de hogere waterstanden in de poldersloten proberen zij regenwater zoveel mogelijk in de bodem vast te houden. Dit stroomt dan niet vanuit het land richting sloot. Op delen van de hoge zandgronden waar er geen water aan kan worden gevoerd, probeert het Wetterskip zoveel mogelijk water vast te houden met het hoger zetten van stuwen.

Heeft u vragen over de hogere waterstanden dan kunt u onze rayonbeheerders bereiken via 058 – 292 22 22.

Aanvoer IJsselmeer
Om de Friese boezemvaarten en meren op peil te houden, laten het Wetterskip in de droge periode zonder neerslag water in vanuit het IJsselmeer. Van daaruit wordt het water met inlaten en gemalen verdeeld naar de poldervaarten en -sloten. Op dit moment is de aanvoer van water weer teruggebracht naar normaal beheer.

Doorspoelen en afvoeren
Voor de waterkwaliteit is het nodig dat er een klein beetje stroming blijft. Deze stroming creëren we door iets meer water vanuit de boezem in te laten en dit vervolgens terug te pompen in de boezem. Dit overtollige water is vervolgens weer beschikbaar om weer in een polder te worden ingelaten.

Ook wordt er water afgevoerd naar het Lauwersmeer en Waddenzee om de doorstroming van de Friese meren en kanalen op gang te houden. Dit is nodig voor een goede waterkwaliteit en om verzilting (binnendringen zout zeewater) tegen te gaan.