De Fryske Marren in beroep tegen gemeente Heerenveen vanwege OZB-geschil


08-08-2017 JOURE – De gemeente vindt  het jammer dat de rechtbank hun beroep ongegrond heeft verklaard. In haar overwegingen gaat de rechtbank naar de  mening van de gemeente niet in op hun inhoudelijke argumenten. Dit is naar de gemeente haar mening onterecht. Omdat de rechtbank voorbij lijkt te gaan aan deze (ook voor de bezwarencommissie zwaarwegende) inhoudelijke argumenten, beschouwt de gemeente de uitkomst als niet rechtvaardig en willen ze deze voorleggen aan een hogere rechter.

Waarom de gemeente in beroep gaat
De bezwarencommissie van de provincie Fryslân gaf de gemeente eerder in het juridische traject gelijk, op basis van de gemeente haar inhoudelijke argumenten. Dit is door de provincie zelf niet overgenomen, zonder onderbouwde motivatie. Dat was de reden voor de gemeente om in beroep te gaan. Uit het rapport over de financiële gevolgen van de grenscorrectie, bleek duidelijk dat er voor De Fryske Marren sprake was van onevenredig nadeel. Het rapport is vastgesteld door zowel de gemeente Heerenveen als (destijds) Skarsterlân. Het verbaasde de gemeente dan ook dat de provincie dit rapport niet overnam. Bovendien kwam de provincie niet met een onderbouwde motivatie waaróm zij het rapport niet overnam. Voor De Fryske Marren was dit de reden om in beroep te gaan, iets dat ze alleen bij uitzondering doen.

Gezamenlijk rapport over financiële gevolgen grenscorrectie
Bij een grenscorrectie tussen twee of meer gemeenten, is het gebruikelijk dat de betrokken gemeenten gezamenlijk onderzoek doen en met voorstellen komen over de afwikkeling van de grenscorrectie. Dit staat ook vermeld en wordt gestimuleerd in het provinciaal beleid over grenscorrecties. Heerenveen en Skarsterlân hebben dan ook samen een rapport laten opstellen door een extern bureau, om alle financiële consequenties van de grenscorrectie goed op een rij te krijgen. In een dergelijk rapport komen ook eventueel onevenredige voor- of nadelen bij de gemeenten naar voren.

Onevenredig nadeel
Op het punt van de OZB is er sprake van een onevenredig nadeel voor De Fryske Marren door gederfde OZB-inkomsten, zo constateert het rapport. Dit komt doordat het bij de grenscorrectie onder andere om twee bedrijventerreinen ging. Beide gemeente onderschrijven het rapport. De Fryske Marren is van mening dat zij op dit punt gecompenseerd moet worden. De provincie onderschrijft het rapport niet (op dit punt), maar had dit naar onze mening niet goed gemotiveerd/beargumenteerd. Dit was voor de gemeente de reden om in beroep te gaan. De rechtbank heeft het beroep echter ongegrond verklaard. Nu de rechtbank onze inhoudelijke argumenten niet heeft getoetst, wil de gemeente  de uitspraak en daarmee haar redenering door een hogere rechter laten toetsen.