Bietensector veel last van bladluizen

29-08-2020 JOURE – De Nederlandse suikerbietensector wordt geteisterd door bladluizen die het voor bieten zeer schadelijke vergelingsvirus overbrengen. De behandeling van zaad met gewasbeschermings-middelen, een effectief middel tegen de bladluis, is door de Nederlandse overheid niet meer toegelaten.

Alternatieven leveren nog niet het gewenste resultaat op. Nu de Franse overheid van plan is de zaadcoating weer toe te staan, dringen we ook in Nederland bij minister Schouten aan op perspectief voor de sector.

In 2018 heeft de Europese Commissie besloten dat zogenaamde neonicotinoïden niet meer mogen worden toegepast. Er wordt nu onderzoek gedaan naar alternatieve middelen en meer duurzame zaadcoatings. Er wordt in de plantenveredeling zeer intensief gewerkt aan een resistentie tegen vergelingsvirussen. Het zal echter nog een aantal jaren duren voordat deze initiatieven leiden tot concrete, in de praktijk toe te passen, producten en maatregelen.

Milieubelasting en miljoenenschade
Het vergelingsvirus in de Nederlandse suikerbietenteelt leidt ondertussen tot een hogere milieubelasting en schade die oploopt tot in de miljoenen euro’s. Het virus krijgt, door de zachtere winters waar het Nederlandse klimaat momenteel mee te parten speelt, de kans om zich in rap tempo verder te verspreiden. Steeds meer bladluizen overleven en worden vroeger in het voorjaar actief. Omdat het virus toch bestreden moet worden, hebben de telers nu andere middelen ingezet. Middelen met een hogere milieubelasting dan de eerder toegestane zaadcoating.

Transitie in Europese context
De Franse overheid heeft onlangs stappen gezet om een vrijstelling aan te vragen bij de Europese Unie, waardoor suikerbietentelers daar toch gebruik kunnen maken van de zaadcoating. Een aantal andere lidstaten nemen soortgelijke stappen. De Nederlandse sector concludeert daaruit dat het gebruik blijkbaar voldoende duurzaam is, in ieder geval tijdens de transitie naar andere middelen. Indien gebruik veilig is bevonden en in andere landen op de gemeenschappelijke markt wordt toegestaan, maar in Nederland niet, zorgt dat voor een zeer ongelijk speelveld.