Jongste generatie zorgverleners meest onder druk

0
145

18-11-2019 JOURE – Van alle zorgverleners staat de mentale fitheid van de jongste generatie zorgverleners tot 35 jaar, het meest onder druk: ten opzichte van 2017 kregen zij meer last van burn-out-klachten en worstelen zij vaker met de werk-privésituatie.

Van alle beroepsgroepen rapporteren de medisch specialisten de hoogste werkdruk, in combinatie met een toenemende disbalans tussen werk en privé. Gevraagd naar hun toekomstperspectief, geeft slechts een derde van de zorgverleners aan tot hun pensioen in de zorg te willen blijven werken.

Onder de 2.029 zorgverleners die deelnamen waren de medisch specialisten, huisartsen, fysiotherapeuten, tandartsen en dierenartsen het best vertegenwoordigd. Het onderzoek toont aan dat de mentale energie van zorgverleners over tijd relatief stabiel is en zelfs een licht positieve trend vertoont. Ten opzichte van de gemiddelde Nederlandse werknemer is de gemiddelde zorgverlener in Nederland meer bevlogen (15% versus 20%) en heeft hij of zij minder last van burn-outklachten (15% versus 12%).

Jongste generatie meest onder druk
Kijkend naar de verschillen tussen de leeftijdsgroepen, wordt duidelijk dat de ‘mentale energie’ van de jongste generatie zorgverleners anno 2019 het meest onder druk staat. Ten opzichte van 2017 is het aantal zorgverleners tot 35 jaar oud met burn-outklachten gestegen van 13% naar 20%. Dit percentage ligt daarmee 5% hoger dan de landelijke benchmark.

De jongste leeftijdsgroepen (jonger dan 35 jaar en tussen 36 en 45 jaar) hebben eveneens, meer dan voorheen en meer dan oudere collega’s, moeite met het vinden van de juiste balans tussen werk en privé. Zo’n 18% van beide leeftijdsgroepen ondervindt hierin vaak of altijd problemen.

De jongste groep zorgverleners (onder de 35 jaar oud) ervaart bovendien de minste ‘regelruimte’, ofwel, autonomie op het werk. Op een schaal van 1 tot 5 geven zij hun regelruimte een 2,7. Hun oudere collega’s komen rond de 3,5 uit. Ook al is de ervaren waardering van patiënten volgens alle zorgverleners gestegen, de jongste groep zorgverleners ervaart van alle leeftijdsgroepen de minste waardering.  

Tot slot is opvallend dat het taboe op ondersteuning door een coach het hoogst is onder de jongste generatie, terwijl zij er, van alle leeftijdsgroepen, mogelijk het meest aan zouden kunnen hebben. Elf procent van de zorgverleners onder de 35 jaar geeft aan dat het werken aan je persoonlijke ontwikkeling met een coach, door zijn of haar collega’s wordt gezien als een zwaktebod.

Slechts een derde wil werken tot pensioen
Gevraagd naar de mate waarin zorgverleners het werken in de zorgsector zouden aanraden, geeft ongeveer de helft aan dit te doen. Ten aanzien van hun eigen loopbaan in de zorg, geeft slechts een derde van alle zorgverleners – met uitzondering van de tandartsen (50%) – aan tot het pensioen te willen werken. De jongste generatie is hierin het minst positief.